Stichting PDL Stichting PDL » Nieuwsbrieven » 10 » gedicht
 
Stichting PDL

Gedicht

Nogal wat deelnemers hebben ons gevraagd naar de tekst van het gedicht van Vasalis, waarmee Janneke van der Wees het congres opende. Wij drukken het hier af.

De idioot in het bad.

Met opgetrokken schouders, toegeknepen ogen,
Haast dravend en vaak hakend in de mat,
Lelijk en onbeholpen aan zusters arm gebogen,
Gaat elke week de idioot naar 't bad

De damp die van het warme water slaat
Maakt hem geruster : witte stoom...
En bij elk kledingstuk, dat van hem afgaat, 
Bevangt hem meer en meer een oud vertrouwde droom.

De zuster laat hem in het water glijden, 
Hij vouwt zijn dunne armen op zijn borst, 
Hij zucht, als bij het lessen van zijn eerste dorst 
En om zijn mond gloort langzaam een groot verblijden.

Zijn zorgelijk gezicht is leeg en mooi geworden, 
Zijn dunne voeten staan rechtop als bleke bloemen, 
Zijn lange, bleke benen, die reeds licht verdorden 
Komen als berkenstammen door het groen opdoemen.

Hij is in dit groen water nog als ongeboren, 
Hij weet nog niet, dat sommige vruchten nimmer rijpen, 
Hij heeft de wijsheid van het lichaam niet verloren 
En hoeft de dingen van de geest niet te begrijpen.

En elke keer, dat hij uit 't bad gehaald wordt, 
En stevig met een handdoek drooggewreven 
En in zijn stijve, harde kleren wordt gesjord 
Stribbelt hij tegen en dan huilt hij even.

En elke week wordt hij opnieuw geboren
En wreed gescheiden van het veilig water-leven, 
En elke week is hem het lot beschoren 
Opnieuw een bange idioot te zijn gebleven.

M.Vasalis.
Uit: Parken en Woestijnen

 

  © 2001-2010 Stichting PDL
Powered by Etomite CMS.